Energie Onderzoek Strategie (EOS)
In 1998 heeft het ministerie van EZ de notitie 'Energieonderzoek in Nederland, organisatie en prioriteiten' voorgelegd aan de Tweede Kamer (Kamerstuk 1997-1998 25967, nr.1). Daarin werden de hoofdlijnen aangegeven van het energieonderzoeksbeleid. Dit beleid heeft vorm gekregen op specifieke onderdelen (nota Energiebesparing, Actieprogramma 'Duurzame energie in opmars'). Op energiegebied hebben zich ondertussen aanzienlijke veranderingen voorgedaan, die ook het onderzoeksbeleid beïnvloeden (beleidsdoelstellingen, liberalisering, internationalisering en nieuwe inzichten over het stimuleren van innovatie), terwijl tegelijkertijd nieuwe thema's ontstaan. Dit betekent dat er aanleiding is de uitgaven van de overheid voor energieonderzoek nog eens van dichtbij te bekijken. Op grond van de huidige inzichten moet koerswijziging plaatsvinden. Die nieuwe koers ligt overigens niet tot in lengte van jaren vast, maar kan worden aangepast als de omstandigheden wijzigen. De uitwerking van de onderzoekstrategie krijgt in de periode tot 2005 zijn beslag. De strategie wordt uitgevoerd met middelen van EZ, VROM, VenW en LNV. De publieke middelen voor energieonderzoek van het ministerie van OCenW zijn middelen die de universiteiten en NWO-instituten besteden aan energieonderzoek. Universiteiten zijn autonome instellingen en niet direct te sturen vanuit de overheid. Wel is een goede wisselwerking van universitair onderzoek met het meer toegepaste onderzoek van belang voor de uitvoering van de strategie. In deze nota gaat het evenwel om publieke financiering waarvoor de overheid de directe verantwoordelijkheid draagt en waarbij zij invloed kan uitoefenen op de te maken inhoudelijke keuzes. Dit neemt niet weg dat deze beleidslijnen indirect wel invloed hebben op het door de universiteiten uitgevoerde onderzoek. Hoofdstuk 2 gaat in op het tot op heden gevoerde energieonderzoek en het beleid daarvoor. In hoofdstuk 3 komen de belangrijkste veranderingen in de omgeving aan de orde. Hoofdstuk 4 geeft aan wat het in de toekomst gewenste beleid is. Hoofdstuk 5 ten slotte geeft een uitwerking op hoofdlijnen van de te ondernemen veranderingsstappen
Organisatie
Ministerie van Economische Zaken EZ, Den Haag (Netherlands)
Bibliografische informatie
67 p.
Datum
2001
Uitgever
Den Haag (NL) EZ
Document digitaal beschikbaar
PDF-bestand (654 kB)
Terug naar overzicht
Beleidsdocumenten