Verbouwing Borssele-centrale

Berichten uit
1993
Het zogenoemde Plan van Modificaties voor de kerncentrale in Borssele is gereed gekomen na uitgebreid onderzoek en bevat een pakket van aanpassingen aan de nieuwste veiligheidsinzichten; van uitbreiding van het vermogen is geen sprake. Zo zal onder andere de noodstroomvoorziening worden uitgebreid, de stoom- en voedingswaterleidingen worden vervangen en een nieuw drukhoudsysteem inclusief kleppen worden geïnstalleerd. Met de aanpassing die rond 467 miljoen gulden gaat kosten, zou in 1995 een start gemaakt worden. De eerste versie van het plan werd in 1991 goedgekeurd door de Sep-aandeelhouders, de Kernfysische Dienst en het Ministerie van VROM.

De Minister van EZ schrijft in een brief van 7 mei 1993 aan de Sep, EZH en de Tweede Kamer dat inzake de vergunningverlening gekozen is voor een uitgebreide vergunningverleningsprocedure inclusief inspraak en een milieu effect rapportage, op basis van artikel 17, eerste lid van de Kernenergiewet. Bij deze beslissing heeft de uitspraak van de Raad van State over de vergunning voor de Dodewaard-centrale een belangrijke rol gespeeld. Het besluit betekent een vertraging van de aanpassingen met twee jaar waardoor de centrale pas in 1997 klaar zal zijn. De EZH gaat daarom vooralsnog niet akkoord met het project; 470 miljoen gulden voor een centrale die volgens de planning in 2004 gesloten wordt, acht het productiebedrijf bedrijfseconomisch onverantwoord. De Sep stelt vervolgens in het financieel-economische bedrijfsplan voor om de centrale drie jaar langer open te houden, tot 2007. De aandeelhouders gaan daarmee akkoord mits het openhouden niet meer zal kosten dan de 467 miljoen gulden, de centrale in 1997 helemaal klaar is en Minister Andriessen instemt met de verlengde openstelling tot 2007. In het nieuwe Elektriciteitsplan zal de kerncentrale Borssele als productie-eenheid worden opgenomen tot het jaar 2007.


Terug naar thema Elektriciteitsproductie 1993