Investeringsplan Shell: 'Per+' |
Berichten uit 1993 |
De investeringen in Per+ betreffen met name een nieuwe kraakinstallatie en een olieresiduvergasser. De olievergasser levert gas voor een 115 MWe warmte/kracht-installatie en voor een waterstoffabriek. De waterstof kan weer gebruikt worden in de hydrocracker en in specifieke ontzwavelingsinstallaties. Het vergassen van residuale olie voor energiewinning is redelijk uniek in de wereld. Wereldwijd is er sprake van 5 andere projecten waarvan 4 met het Texacoproces in Italië en 1 met het Shellproces in Finland. December 1993 kondigt Shell aan dat er een contract getekend is met Air Products voor de levering van de zuurstof die de vergassers nodig hebben. Om dit gas te kunnen leveren zal Air Products ongeveer 200 mln gulden investeren in zijn installatie in Rozenburg. In Per+ is extra capaciteit opgenomen voor het verwijderen van zwavel uit raffinaderijgassen, en het winnen van de pure zwavel met zo min mogelijk SO2 uitstoot naar de lucht. Wordt in 1993 al 38% van de zwavel uit de olieproducten gehaald, na 1997 zal dit door Per+ 73% zijn.
Nerefco knapt in 1993 de katalytische kraker op en bouwt een
MTBE, een MethylTetraButylEther-fabriek met een capaciteit van 1500 vaten per
dag (v/d). De MTBE is nodig indien meer loodvrije benzine gemaakt moet worden.
De totale investering is 250 mln gulden. Bij Kuwait Petroleum worden de
Clausfabrieken opgeknapt teneinde de SO2-uitstoot terug te dringen.
De ESSO-raffinaderijen bouwen momenteel een hydrocracker met een capaciteit van
40.000 v/d, een investering van bijna 400 mln. Een hydrocracker maakt uit een
zware gasolie met veel zwavel, lichte ontzwavelde producten zoals nafta,
kerosine en laagzwavelige dieselolie. Volgens de planning moeten alle projecten
in 1994 af zijn.