Energie, meerjarenafspraken en de Wet Milieubeheer

Berichten uit
1994
De ministers van VROM en EZ sturen juni 1994 een circulaire aan provincies en gemeenten. Met deze circulaire pogen de ministeries de aansluiting tussen de meerjarenafspraken in het kader van het energiebesparingsbeleid enerzijds en de besluitvorming van 'bevoegd gezag' op een aanvraag om een milieuvergunning wat betreft het onderwerp energie anderzijds te bevorderen. Sinds 1 april 1993 dienen overheden namelijk bij de aanvraag om een milieuvergunning te beoordelen of extra voorschriften moeten worden bepaald aangaande het energiegebruik. Het InterProvinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten zijn betrokken geweest bij de totstandkoming van de circulaire.

De circulaire maakt inhoudelijk onderscheid in twee groepen, de MJAbedrijven en de niet-MJA-bedrijven. Van de eerste groep is de energiebesparingsdoelstelling van de branche en het individuele bedrijf bekend middels een bedrijfsenergieplan. Novem beoordeelt of dit plan de doelstellingen en vastgelegde maatregelen uit het MJA ook nakomt, en geeft een advies. Voldoet een bedrijf niet aan de MJA-vereisten, dan wordt dit bedrijf behandeld als niet-MJA-bedrijf. Voor deze tweede groep is meer inspanning vereist van aanvrager en bevoegd gezag. Is voor de behandeling van een aanvraag meer inzicht nodig in het energiegebruik en de energiebesparingsmogelijkheden, dan kan een onderzoeksverplichting worden opgelegd. De overheid adviseert deze verplichting in beginsel alleen op te leggen bij bedrijven met een energiegebruik van meer dan 170.000 m3 gas en 100.000 kWh elektriciteit. Wanneer het bevoegd gezag oordeelt dat aan de vergunning een voorschrift ten aanzien van het energiegebruik verbonden moet worden, dan kan dat door doelschriften, middelvoorschriften of een combinatie van beide. De rijksoverheid geeft aan dat voor de kennisopbouw en uitvoering een tijdelijke ondersteuning geboden zal worden. Door Novem is daartoe het Bureau Energie in de Milieuvergunning opgericht. De circulaire is van kracht tot 1 januari 1997.


Terug naar thema Overheid en energiebeleid 1994