Bijstoken afvalhout
|
Berichten uit 1994
|
In september begint EPON met het aanpassen van de kolengestookte
eenheid-13 van de elektriciteitscentrale Gelderland in Nijmegen voor het
bijstoken van afvalhout. De aangepaste eenheid zal in mei 1995 in
bedrijf zijn. Bijstoken van afvalhout leidt niet alleen tot een afname
van de gestorte hoeveelheid sloop- en afvalhout, maar ook tot een
vermindering van de uitstoot van de broeikasgassen methaan en kooldioxide. Deze gassen komen vrij bij het natuurlijke rottingsproces
van organische stoffen zoals hout. De emissie van methaan is bij
verbranding van afvalhout zeer klein. Verder zorgt het bijstoken van
afvalhout bij elektriciteitsproductie voor een vermindering van de vraag
naar steenkolen. Hierdoor neemt de uitstoot van kooldioxide af.
Eenheid-13 wordt geschikt gemaakt voor het verstoken van 60 kiloton
afvalhout per jaar, ongeveer een kwart van de 250 kiloton afvalhout die
jaarlijks in Nederland gestort wordt. De aanpassing is daarom vooral een
oplossing voor het afvalprobleem. Er geldt overigens een maximum voor de
totale hoeveelheid afvalhout die bijgestookt kan worden. Dit maximum
wordt vooral bepaald door de eisen die aan de kwaliteit van het vliegas
van eenheid-13 gesteld worden. Daarnaast treden de veel strengere
emissienormen voor afvalverbrandingsinstallaties in werking indien meer
dan 5% van de totale hoeveelheid verstookte brandstof bijgestookt
afvalhout is.
Voor deze bijstook moet het afvalhout geschikt gemaakt worden voor het
voeden van vier speciale houtbranders. Een afvalverwerkingsbedrijf
ontdoet het afvalhout van metalen en verfresten en versnipperd het tot
houtspaanders. Deze worden bij de eenheid in een
verpoederingsinstallatie vermalen en gedroogd. Er zijn vier houtbranders
in de voor houtstook aangepaste ketel geïnstalleerd. Zoals vermeld
is deze eenheid in 1994 ook voorzien van een
DeNOx-installatie. De werking van dit eerder beschreven proces wordt
nadelig beïnvloed door verontreinigingen in het rookgas afkomstig
uit afvalhout wat verduurzaamd is met zware metalen bevattende middelen.
Het vliegas zou bovendien ontoelaatbaar vervuild raken met zware
metalen. De houtsnippers mogen daarom geen 'verduurzaamd' hout bevatten.
Terug naar thema
Techniek en onderzoek 1994