Eemscentrale, Lage Weide 6 en Diemen 33 in gebruik genomen |
Berichten uit 1995 |
Volgens het contract zou Statoil vanaf 1 oktober 1995 een miljard m3 gas leveren aan Sep, en vanaf oktober 1996 zou dit toenemen tot 2 miljard m3 per jaar. Sep levert dit gas vervolgens weer aan de EPON voor de 5 productie-eenheden van de nieuwe Eemscentrale. De bouw van deze centrale startte in 1992. In de centrale is gebruik gemaakt van zeer geavanceerde stoom- en gasturbines en milieuvoorzieningen. De turbines worden geleverd door GEC Alsthom, een Frans-Engels bedrijf. Bij het proefdraaien in het voorjaar wordt EPON echter geconfronteerd met een mankement aan de rotor van deze turbines. Het blijkt dat het mankement zich ook in buitenlandse centrales voordoet. GEC Alsthom en subleverancier General Electric herstellen de schade maar het project loopt door de mankementen forse vertraging op. Na een half jaar wordt een van de productie-eenheden toch in 1995 nog in gebruik genomen. Door de vertraging is er wel sprake van aanzienlijke schadeposten. Statoil heeft niet kunnen leveren aan Sep. Sep heeft niet kunnen leveren aan de EPON. EPON heeft een half jaar lang geen elektriciteit kunnen produceren en dus geen inkomsten verkregen uit een zeer kostbare centrale, door aan het licht gekomen fouten van de leverancier GEC Alsthom. Eind 1995 zijn de verschillende partijen nog in onderhandeling over de risico's, de verantwoordelijkheden en de verrekening van de lasten voor elk afzonderlijk bedrijf.
Op respectievelijk 30 mei en 20 december 1995 worden door NV UNA de Lage
Weide 6 en de Diemen 33 officieel in gebruik genomen. Het betreft twee
STEG-eenheden met een vermogen van elk 249 MWe. Daarentegen worden
door de sector zeven andere eenheden met een totaal vermogen van ruim
500 MWe buiten gebruik gesteld.