Overeenstemming terugleververgoeding wind blijft uit |
Berichten uit 1996 |
De financiering van windenergie is met ingang
van 1996 ingrijpend gewijzigd. De investeringssubsidie vervalt per
1 januari en ervoor in de plaats komen fiscale maatregelen, zoals
de VAMIL. Het effect van deze veranderingen is nog niet duidelijk.
Pawex signaleert als knelpunt bij de regeling VAMIL dat investeringen
in windturbines door de fiscus slechts worden erkend bij een beperkte
groep exploitanten, namelijk BV's, NV's en coöperaties, en voorziet
hetzelfde probleem bij de EIA. Tevens wordt per 1 januari de regulerende
energiebelasting (REB) ingevoerd. De distributiebedrijven moeten
de heffing van 3 cent/kWh, die eindverbruikers betalen over duurzaam
opgewekte elektriciteit, doorsluizen naar de producenten. De
subsidieregeling windenergie 1995/1996 bevat over de terugsluis van de
REB afspraken, behalve voor exploitanten met meerjarige contracten.
Enkele distributiebedrijven verlagen in 1996 hun bijdrage aan de
terugleververgoeding met het bedrag van de REB. De particuliere
exploitanten van windturbines
beschouwen dit als contractbreuk en eisen dat de terugsluis van
de REB bovenop de afgesproken terugleververgoeding komt. De kwestie
leidt tot kamervragen. Enkele exploitanten uit de Noord-Oostpolder
spannen in het najaar een kort geding aan tegen EDON. De rechtbank
in Zwolle verwijst de zaak door naar het Gerechtshof in Arnhem.
Ook ENW in Noord-Holland en NUON in Flevoland worden voor de rechter
gedaagd. De uitspraken vallen in 1997.