Vervroegde sluiting kolencentrales? |
Berichten uit 1996 |
De elektriciteitsproductiebedrijven en Sep geven in september aan niets te voelen voor het vervroegd sluiten van de kolencentrales. Dat zou leiden tot een enorme kapitaalvernietiging en dus tot veel hogere elektriciteitstarieven. Ook zou de afhankelijkheid van aardgas te groot worden. Het verplaatsen van de kolencentrales zou bovendien het probleem van het broeikaseffect niet verminderen.
Begin september verschijnt er een conceptbrief over het 'CO2-reductieplan'. In de brief worden drie categorieën van maatregelen genoemd waaraan de 750 miljoen gulden zal worden besteed. De kolencentrales worden niet genoemd. In het definitieve plan dat midden september met de Miljoenennota naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, is dat evenmin het geval. De media berichten dat de Ministers van VROM en EZ het niet eens zijn over het vervroegd sluiten van de kolencentrales.
Toch is de optie daarmee niet van de baan, want
later in die maand, bij de behandeling van het rapport van de Tijdelijke
Commissie Klimaatverandering en de Vervolgnota Klimaatverandering
worden de kolencentrales weer genoemd. Begin november neemt de Tweede
Kamer bij de behandeling van de begroting van VROM een motie aan
van mevrouw Augusteijn- Esser (D66) waarin ze de regering verzoekt
te onderzoeken of omschakeling van de kolencentrales naar aardgas
mogelijk is. Het antwoord daarop komt in 1997.