Hoogspanningsnet klaar na voltooiing lijn Zwolle-Eemshaven
|
Berichten uit 1996
|
Het Nederlandse koppelnet verbindt de grote elektriciteitscentrales
met elkaar en met het buitenland en is van belang voor de optimalisatie
van de productie, de opvang van storingen en de im- en export van
elektriciteit. Het net wordt beheerd en geëxploiteerd door Sep.
Met de 380 kV-lijn Zwolle-Eemshaven, die in september in gebruik
wordt genomen, bereikt dit net zijn voltooiing, althans voor de
komende twintig jaar. De honderdvijftig kilometer lange lijn verbindt
zowel de nieuwe als de oude Eemscentrale met de rest van het Nederlandse
net. De nieuwe lijn zorgt ook voor een extra verbinding met Duitsland
en straks, na de eeuwwisseling, voor een verbinding met Noorwegen via
een nieuwe zeekabel. Via deze laatste verbinding kan tijdens
plateau-uren 600 MW Noorse waterkracht-elektriciteit worden
geïmporteerd, terwijl tijdens daluren eenzelfde hoeveelheid
Nederlandse elektriciteit kan worden geëxporteerd. De lijn
Zwolle-Eemshaven is derhalve ook van groot belang voor de totstandkoming
van een Europese elektriciteitsmarkt. Technisch is bijzonder aan het
project dat twee van de drie schakelstations gesloten zijn uitgevoerd en
dat in Eemshaven een speciaal schakelschema is toegepast waardoor nooit
meer dan één eenheid tegelijkertijd behoeft uit te vallen. Ook is
gebruik gemaakt van dradenbundels
die zwaarder belast kunnen worden, maar toch minder wegen. Voorts
is in de draden van de nieuwe lijnverbinding een glasvezelkabel
ingebouwd voor de bewaking en bediening van het net vanuit het Landelijk
Bedrijfsvoeringscentrum van Sep. Voor de rest van het land maakt
Sep nog gebruik van een straalverbindingsnet. In de lijn en de bijbehorende
schakelstations heeft Sep circa 800 miljoen gulden geïnvesteerd.
Ook bestuurlijk vraagt een dergelijk project een grote inspanning.
Zo moesten onder andere de bestemmingsplannen van drieëntwintig
gemeenten worden aangepast. Verder werden met grondeigenaren in
totaal 900 'recht-van-opstal'- overeenkomsten afgesloten.
Terug naar thema
Elektriciteitsproductie 1996