Groene stroom in opmars

Berichten uit
1997
Groene stroom, ook wel Ecostroom, Natuurstroom of Groene Energie genoemd, wordt medio 1997 door zo'n 25.000 huishoudens in Nederland gekocht. Op een totaal van 6,5 miljoen aansluitingen is dat minder dan verwacht. De energiebedrijven mikken op een kwart miljoen afnemers voor groene stroom in het jaar 2000. Afnemers van groene stroom betalen vrijwillig ongeveer 8 cent per kWh méér voor elektriciteit. De energiebedrijven gebruiken de opbrengst om in duurzame energieprojecten te investeren. Het Wereld Natuur Fonds ziet toe op de productie en verkoop van groene stroom, zodat de afnemer er zeker van is dat de gevraagde energie ook duurzaam wordt opgewekt.

Steeds meer zakelijke gebruikers en overheden gaan over tot de aankoop van groene stroom. De Ministeries van VROM en EZ gaan beide 20% van hun elektriciteitsverbruik als groene stroom afnemen. De betrokken Ministers van VROM en van EZ, tekenen in augustus een contract met energiebedrijf ENECO tijdens een boottochtje op de hofvijver in een boot die op zonne-energie vaart.

Minister Wijers van EZ maakt van de gelegenheid gebruik om bekend te maken dat het kabinet besloten heeft afnemers van groene stroom vanaf 1998 geen Regulerende Energiebelasting (REB) in rekening te brengen over deze stroom. Dat scheelt zo'n 3 cent per kWh. De REB op brandstof en elektriciteit heeft als doel het terugdringen van het energiegebruik bij huishoudens en bedrijven. Producenten van duurzame elektriciteit krijgen de belastingopbrengst over de geproduceerde kWh's teruggesluisd. Nu ook de consumenten van duurzaam geproduceerde elektriciteit vrijgesteld zijn van belasting over de groene stroom, wordt het prijsverschil met gewone stroom kleiner. Oorspronkelijk wilde het kabinet groene stroom aantrekkelijker maken door het BTW-tarief te verlagen, maar het kreeg hiervoor geen toestemming van de Europese Commissie. Vanwege de tegenvallende belangstelling starten de energiebedrijven eind 1997 met financiële steun van het Ministerie van EZ een campagne om groene stroom onder de aandacht te brengen bij consumenten en bedrijven.

In oktober sluit het Brabantse energiedistributiebedrijf PNEM een overeenkomst met een particulier windpark in het Noord- Hollandse Anna Paulowna over het leveren van groene stroom vanaf begin 1998. De overeenkomst is een voorproefje op de vrije verhandelbaarheid van duurzame energie. PNEM is bereid een hogere prijs te betalen dan ENW, in wiens verzorgingsgebied het windpark valt. Onder agrariërs in Noord-Holland heerst ongenoegen over het optreden van distributiebedrijf ENW, dat in principe alleen het bedrag van vermeden kosten als terugleververgoeding voor windenergie wil uitbetalen.


Terug naar thema Energiedistributie 1997