Principe-akkoord over fusie tot Grootschalig Productiebedrijf

Berichten uit
1997
Gedurende het jaar houdt de beoogde fusie van EPON, EPZ, EZH, UNA en Sep tot het Grootschalig Productiebedrijf (GPB) de gemoederen bezig. Dit GPB moet een internationale positie gaan veroveren in een langzaam liberaliserende Europese markt.

Begin juli meldt Sep dat na de principe-afspraken over de herstructurering en het daaropvolgende afstemmingsoverleg, een consultatieronde voor bestuursorganen en ondernemingsraden van de betrokken partijen en sociale partners volgt. Het plan is in november de formele besluitvormingsfase in te gaan. De oorspronkelijke startdatum van de fusie wordt van 1 januari 1998 naar 1 april 1998 verlegd. Belangrijke onderdelen van het fusieplan zijn:

  • De elektriciteitsdistributiebedrijven worden aandeelhouders. De aandelen van de provincies en gemeenten, nu nog eigenaren van EZH en UNA, worden gecertificeerd, dat wil zeggen zij houden de economische rechten, maar krijgen geen aandeelhoudersrechten (zoals stemrecht).
  • Verhoging van de solvabiliteit van 20 naar 45% door de winst zoveel mogelijk aan de reserves toe te voegen in plaats van dividend uit te keren.
  • Vermindering van de productiecapaciteit met 1500 MW in 1998 en 1999.
  • Reductie van het personeelsbestand met circa 1500 werknemers tot 3800 werknemers in 2001.
  • Oprichting van een separaat onafhankelijk Transport & Dispatch-bedrijf voor het netbeheer dat op transparante, niet- discriminerende wijze het net beschikbaar stelt tegen kostendekkende tarieven. De overheid zal hierop via de Dienst Toezicht Elektriciteit (DTE) toezicht houden.

De vakbonden reageren geschokt op de plannen voor personeelsreductie en eisen volledige opening van zaken, verdere onderbouwing van de planning en een garantie dat er tot 2000 geen gedwongen ontslagen vallen.

In september verklaren de aandeelhouders van UNA, dat zijn de gemeenten Amsterdam en Utrecht en de provincies Noord-Holland en Utrecht, niets te zien in het fusieplan omdat ze geen invloed meer zullen hebben op het beleid. In december maakt ook de provincie Zeeland, eigenaar van distributiebedrijf DELTA dat aandeelhouder is van EPZ, bezwaren omdat blijkt dat zij jaarlijks zo'n 11 miljoen gulden aan dividend gaat mislopen. Andere partijen zoals het Centraal Planbureau (CPB) en de grootverbruikers plaatsen ook hun kanttekeningen en vrezen dat het ontstaan van één groot bedrijf juist de concurrentie en marktwerking uitsluit. Zij uiten tevens twijfels in hoeverre de netbeheerder werkelijk onafhankelijk kan zijn.

Uiteindelijk bereiken op 20 december de aandeelhouders van EPON, EPZ, EZH, UNA en Sep een principe-akkoord wat betreft aandeelhouderschap, aandelenverdeling (ruilverhouding) en samenstelling van de Raad van Commissarissen. Het GPB zal vanaf 2002 jaarlijks f. 80 miljoen aan dividend uitkeren. Tot nu toe toucheerden de gezamenlijke aandeelhouders zo'n 200 miljoen dividend. De vakbonden wordt gegarandeerd dat tot 2002 geen gedwongen ontslagen zullen vallen. Ondanks het bereikte principe-akkoord zijn er begin 1998 nog fricties en spanningen in het fusieproces. Dit betreft onder andere (het voorlopig opschorten van het uitkeren van) de dividenden aan de aandeelhouders en de invloed van sommige aandeelhouders op het toekomstige beleid. Eind april 1998 wordt bekend dat de fusie niet doorgaat.


Terug naar thema Elektriciteitsproductie 1997