Nota Duurzame energie in opmars

Berichten uit
1997
De Minister van EZ stuurt op 4 maart het actieprogramma Duurzame Energie 1997-2000 naar de Tweede Kamer. De nota, getiteld 'Duurzame energie in opmars', komt voort uit de Derde Energienota uit 1995. Een van de doelstellingen daaruit is 10% duurzame energie in 2020, met als tussendoelstelling 3% in 2000. Het huidige aandeel van duurzame energie in het Nederlandse energiegebruik is 1%. 'Duurzame energie in opmars' geeft aan welke acties het kabinet wil ondernemen om het tussendoel voor 2000 te bereiken. Een apart hoofdstuk beschrijft de stand van zaken, de verwachte groei en de op te lossen knelpunten voor de duurzame energie-opties. Het grootste potentieel is volgens de nota weggelegd voor biomassa, windenergie en zonne-energie. Ook omgevingswarmte, energie-opslag en aardwarmte komen aan bod. De acties volgen drie hoofdlijnen:
  • Verbetering van de prijs-prestatieverhouding, ofwel duurzame energie moet goedkoper worden om te kunnen concurreren met fossiele brandstoffen. Voor onderzoek, ontwikkeling en demonstratie wordt daartoe vanaf 1997 vier jaar lang f. 95 miljoen per jaar uitgetrokken.
  • Stimulering van de marktpenetratie van duurzame energie-opties, die in de nabije toekomst rendabel kunnen worden, maar dat nu nog niet zijn, onder meer door de bestaande stimulerende belastingmaatregelen. Verbetering van het exportinstrumentarium moet de afzetmarkt in het buitenland te vergroten. Andere maatregelen zijn afspraken met de energiedistributiebedrijven in het kader van het Milieu Actieplan (MAP), aanscherping van de Energie Prestatienorm (EPN), de mogelijkheid vanaf 2001 een minimum aandeel duurzame energie verplicht te kunnen stellen op grond van de nieuwe Elektriciteitswet en de oprichting van een projectbureau Duurzame Energie om het gebruik van duurzame energie te stimuleren.
  • Aanpak van bestuurlijke knelpunten, met name het vinden van locaties voor windenergie en de realisatie van een optimale energie-infrastructuur. Met betrekking tot biomassa moeten de verschillen worden aangepakt in de (emissie)eisen aan afvalverbranding en elektriciteitsopwekking.

In een jaarlijkse Voortgangsrapportage Energiebesparing en Duurzame Energie zal worden gemeld hoe het staat met de uitvoering van de actiepunten uit de nota 'Duurzame energie in opmars'.

Eind juni maakt de Minister van EZ in een brief aan de Tweede Kamer bekend dat het projectbureau Duurzame Energie in een stichting wordt ondergebracht. EZ zal de helft aan de financiering bijdragen, EnergieNed en Sep elk een kwart. Deze partijen zullen samen met de Stichting Natuur en Milieu en het VNO-NCW in de Raad van Toezicht zitting nemen.


Terug naar thema Overheid en energiebeleid 1997