Geen technologisch topinstituut Duurzame Energie

Berichten uit
1997

In de laatste selectieronde van Technologische Topinstituten (TTI's) valt het businessplan voor een topinstituut voor duurzame energie af. Een TTI is een samenwerkingsverband tussen onderzoeksinstellingen, industrie en leveranciers, dat de banden moet versterken tussen het bedrijfsleven en het van overheidswege gefinancierde onderzoek. De topinstituten zijn bedoeld om onder leiding van de industrie de innovatie en de internationale concurrentiekracht te vergroten. Vanaf 1999 trekt het kabinet voor de topinstituten tezamen jaarlijks f. 55 miljoen uit. In de selectieprocedure van de Ministers van Economische Zaken, Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV) waren uit een achttiental voorstellen zes overgebleven, waaronder dat voor een topinstituut duurzame energie. In maart worden vier TTI's uitgekozen: voedselwetenschappen, telematica, polymeren en metaaltechnologie.

Het voorstel voor een TTI duurzame energie was ingediend door Stork Ketels BV en betrof een samenwerking met:

  • windturbine-producent Hollandia, zonnepanelenproducent Shell Solar (voor-heen R&S), De Schelde groep en Stork Product Engineering (industrie),
  • ECN, TNO-MEP, Gasunie Research en Kema (onderzoeksinstituten),
  • distributiebedrijven EDON, ENECO, ENW en productiebedrijf EPON (leveranciers).

De deelnemers aan het voorstel blijven in overleg over hun beoogde samenwerking.


Terug naar thema Overheid en energiebeleid 1997