Nieuwe hoogspanningskabel voor import waterkracht

Berichten uit
1997
In het jaar 2001 moet een hoogspanningsgelijkstroomkabel tussen Nederland en Noorwegen voor de transport van elektriciteit gereed zijn. Deze net-verbinding geeft Nederland de mogelijkheid om overdag Noorse stroom uit waterkracht te importeren en 's nachts, bij Noorse schaarste, stroom te exporteren naar Noorwegen. In Nederland leidt dit tot een vermindering van het aantal basislastcentrales die bij piekvraag stand-by moeten blijven staan. Voor Noorwegen is de toegang tot het Nederlandse net ook aantrekkelijk, omdat hiermee 's nachts het verbruikte waterkrachtvermogen kan worden aangevuld met goedkope dal-uren elektriciteit uit Nederland. Dit vergroot de stabiliteit van de elektriciteitsprijs in Noorwegen.

Voor transport van elektriciteit tussen Noorwegen en Nederland wordt een hoogspanningsgelijkstroomkabel aangelegd, de HVDC NorNeD-kabel, die met een lengte van 570 kilometer de langste onderzeese verbinding wordt die ooit is aangelegd. Wisselstroom is niet mogelijk, omdat bij een wisselstroomkabel om de 50 kilometer de spanning ondersteund moet worden. Dit is bij gelijkstroom niet het geval. Verder is gelijkstroom eenvoudiger te combineren met twee netten waarvan de frequentieregeling niet gelijk is, wat voor Noorwegen en Nederland het geval is.

Voor een dergelijke verbinding is de zogenaamde massa-geïmpregneerde kabel het meest gebruikelijk. Deze kabel is enkelkabelig, waarbij de zee optreedt als geleider voor de retourstroom, wat aanzienlijk op de investeringskosten bespaart. De enkelkabelige kabel heeft echter een aantal nadelen. Zo zijn er voor de verbinding twee elektrodes nodig die elk 100 kilometer uit de kust van Noorwegen en Nederland liggen. Aan de pluspool zal door elektrolyse van het zoute water wat chloor vrijkomen, wat schadelijk kan zijn voor het zeemilieu. Verder onstaat een magnetisch veld rond de kabel, dat niet alleen kompassen van zeeschepen kan ontregelen, maar bovendien een corroderende uitwerking heeft op nabij gelegen olie- en gasleidingen.

Vandaar dat dit jaar besloten is een Flat Type (FT) kabel van de Deense fabrikant NKT aan te leggen, een twee-polige kabel die de genoemde nadelige milieuffecten niet kent. De FT-kabel is nog niet eerder voor deze lengte en op deze diepte (meer dan 400 m) toegepast. Om kabelbreuk door hoge druk (40 bar) te voorkomen, zal voor de diepe gedeelten van het tracé de kabel worden geïsoleerd met een synthetische olie. Voor de overige kabeldelen is gekozen voor de gebruikelijke dunne minerale olie. Het toepassen van twee oliesoorten stelt hoge eisen aan de afsluiting tussen beide oliën. Door de kabel in de zeebodem in te graven wordt het risico van weglekken van olie door kabelbreuk beperkt. Waarschijnlijk zal in 1999 vanuit Nederland begonnen gaan worden met de aanleg van de FT-kabel.


Terug naar thema Techniek en onderzoek 1997