Energieprestatie op locatie |
Berichten uit 1998 |
De EPL is een getal tussen 0 en 10, dat aangeeft hoe hoog het berekende verbruik is van primaire fossiele brandstoffen. Hoe hoger het ambitieniveau van een gemeente, des te hoger de EPL. Bij een EPL gelijk aan 10 is er geen enkel gebruik meer van fossiele brandstoffen; de EPL bedraagt 6 bij de aanleg van een aardgas en elektriciteitsnet, een EPN van 1,0 en toepassing van cv-ketels. De EPL heeft een relatie met de EPN maar is niet hetzelfde. Het grootste verschil is dat de EPN over één gebouw gaat en de EPL over de hele locatie, inclusief de energie-infrastructuur. Ook richt de EPL zich op het totale energiegebruik, inclusief alle elektriciteitsverbruik; de EPN richt zich hoofdzakelijk op het energiegebruik voor verwarming. Een hogere EPL kan worden verkregen door een lagere EPN, maar daarnaast worden duurzame energie en efficiëntere installaties buiten de gebouwen in de EPL methodiek gewaardeerd.
Een gemeente kan met de EPL haar ambitieniveau vastleggen en betrokken
partijen (projectontwikkelaars, energieleveranciers en
netwerkbeheerders) vragen om één of meer voorstellen in te dienen
die aan het gekozen ambitieniveau voldoen. In de nieuwe
elektriciteitswet is ruimte geschapen voor concurrentie bij de aanleg en
het beheer van energie-infrastructuur in nog aan te wijzen nieuwe
(woning)bouwgebieden. Artikel 20 in de nieuwe Elektriciteitswet (die
volgens de notitie Gasstromen een tegenhanger zal krijgen in de Gaswet)
geeft aan dat met een AMvB regels kunnen worden gesteld aan de afweging
tussen een gas en warmte-infrastructuur, vanwege het belang van een
betrouwbare, duurzame, doelmatige en milieuhygiënisch verantwoorde
energievoorziening.