Wetsvoorstel nieuwe Mijnbouwwet naar Tweede Kamer

Berichten uit
1998
Eind september stuurt het kabinet het wetsvoorstel voor een nieuwe Mijnbouwwet naar de Tweede Kamer. De nieuwe wet zal gelden voor het Nederlands territoir en continentaal plat. De huidige mijnbouwwet is een Franstalige, Napoleontische wet, die nog dateert uit 1810. Deze 'Loi concernant les Mines, les Minières et les Carrieres' is wel aangevuld met andere wetten, uitvoeringsbesluiten en regelingen, maar het geheel is volgens het kabinet niet voldoende toegesneden op de situatie aan het eind van de twintigste eeuw. De nieuwe Mijnbouwwet integreert de bestaande regelgeving en regelt tevens een aantal nieuwe onderwerpen. De nieuwe onderwerpen in het wetsvoorstel zijn:
  • Een regeling voor bodembeweging (bodemdaling, aardschokken en trillingen). De nieuwe wet introduceert risico-aansprakelijkheid voor de schade door bodembeweging. Voor het leveren van onafhankelijke expertise wordt een technische commissie bodembeweging in het leven geroepen.
  • Het opsporen en winnen van aardwarmte.
  • Het opslaan van stoffen in de diepe ondergrond (zoals aardgasopslag).

Het wetsvoorstel regelt de bescherming van het milieu voorzover die niet via de Wet Milieubeheer wordt geregeld, zoals het geval is voor opsporing en winning van delfstoffen op het continentaal plat. Overeenkomstig de geldende regelgeving bevat het wetsvoorstel een bepaling over opsporingsvergunningen voor de Waddenzee. Deze worden alleen verleend voorzover dit voortvloeit uit de planologische kernbeslissing Waddenzee. Ook stelt het wetsvoorstel regels aan het opruimen van mijnbouwinstallaties in zee, die niet meer worden gebruikt.

Van de gelden die in verband met het opsporen en winnen van aardgas en aardolie worden afgedragen aan de Nederlandse Staat, de aardgasbaten, wordt de afdracht bij de Mijnbouwwet geregeld. De regeling van de afdrachten is in het wetsvoorstel enigszins verschillend van de geldende wetgeving. De nieuwe afdrachtregeling gaat gelden voor de nieuwe vergunningen en voor de bestaande vergunningen en concessies, voorzover deze na 1965 zijn afgesloten. De regeling zal voor de mijnbouwmaatschappijen financieel gezien gunstig tot neutraal zijn. De vijf oudste concessies (waaronder die voor het Slochterenveld) behouden hun afdrachtbepalingen.


Terug naar thema Gas- en oliewinning 1998