Voldoende beschikbaarheid van biomassa in Nederland en in Europa?

Berichten uit
1998
Over de beschikbaarheid van biomassa zijn de meningen verdeeld. Zo zou volgens sommige milieuorganisaties de teelt van biomassa, zoals hout en olifantsgras, een onwenselijke concurrent vormen van de teelt van grondstoffen voor duurzame producten, zoals hout, vezels en biopolymeren. Ook wordt soms gesteld dat het importeren van biomassa niet bijdraagt aan een duurzame energievoorziening vanwege de grote hoeveelheden transportenergie. Een studie van het adviesbureau K+V stelt dat Nederlandse doelstelling voor het jaar 2000, 24 PJ energie uit biomassa per jaar, met grote waarschijnlijkheid kan worden gehaald met behulp van reststromen zoals gemeentelijk snoeiafval, dunningshout uit de bossen en schoon zaagsel. Vanaf 2007 zou een aanvulling nodig zijn in de vorm van teelt van energiegewassen of import van biomassa om de benodigde 2,4 miljoen ton biomassa te realiseren, aldus K+V.

In Europees verband onderzoekt ECN hoeveel biomassa er in de toekomst kan worden geproduceerd. Als gevolg van het gewijzigde landbouwbeleid van de Europese Unie wordt geschat dat een voldoende areaal landbouwgrond vrij gaat komen voor zowel productie van biomassa als voor het leveren van duurzame producten. Anderen, zoals het Nederlands Instituut voor Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting en de Rabobank, verwachten dat de behoefte aan landbouwgrond juist groter gaat worden. Redenen zijn dat Europa wellicht een belangrijk voedselexporterend continent gaat worden vanwege de snelgroeiende wereldbevolking, en de ontwikkeling van de biologische landbouw. Die groeit sterk en legt tevens door het meer extensieve grondgebruik beslag op relatief meer landbouwgronden in Europa.


Terug naar thema Techniek en onderzoek 1998