AER-Advies 'Overheidsbeleid voor de lange termijn energievoorziening'

Berichten uit
1999
De Algemene Energieraad (AER) meent dat EZ bij zijn energiebeleid voor de lange termijn vooral moet streven naar de ontwikkeling van duurzame energie. Daarnaast dient het departement de marktwerking op de energiemarkt te bevorderen. Hiertoe is een goed mededingingsbeleid en toezicht op de uitvoering daarvan noodzakelijk. In toenemende mate dient hierin de internationale dimensie door te werken zonder daarbij de nationale belangen uit het oog te verliezen.

De AER signaleert veranderingen in de gemeenschappelijke opvattingen over energie. Energie wordt een normaal, niet-collectief goed. In samenhang met de liberalisering verandert de rol van de overheid. De overheid gaat niet meer over capaciteit en productievermogen maar stelt de randvoorwaarden, met name op het gebied van milieu en marktwerking en houdt daar toezicht op. De overheid moet voortgaan met het stimuleren van concurrentie op de energiemarkt. Marktwerking vereist volgens de Raad een goed mededingingsbeleid.

In de samenleving groeit de notie dat op de lange termijn een overschakeling naar een duurzame energievoorziening noodzakelijk is. De overgang ziet de AER als centraal perspectief voor de lange termijn en deze zal veel tijd en inspanning kosten. Voor de korte en middellange termijn (2010-2020) moet het beleid daarom enerzijds al volop worden gericht op de ontwikkeling van duurzame bronnen. Anderzijds is het noodzakelijk om tevens het zwaartepunt te leggen bij het stimuleren van schone fossiele energie (met CO2-berging) en het bevorderen van energie-efficiency. Ook moet er de nodige aandacht aan R&D worden besteed.


Terug naar thema Overheid en energiebeleid 1999