De vijfde klimaattop in Bonn wordt optimistisch afgesloten

Berichten uit
1999
Van 25 oktober tot 5 november wordt in Bonn de vijfde 'Conference of the Parties' (CoP-5) gehouden. Sinds de klimaatconferentie in Rio de Janeiro in 1992, komen zo'n 160 landen regelmatig bij elkaar om afspraken te maken voor het terugdringen van broeikasgasemissies. Het Kyoto Protocol wordt pas van kracht als het geratificeerd is door tenminste 55 landen en als het tenminste 55% van de emissies uit de industriële landen dekt. Tot nu toe hebben 16 ontwikkelingslanden geratificeerd. Daarnaast hebben 83 landen en de Europese Unie een eerste stap gezet. Tijdens de opening van CoP-5 in Bonn riep de Duitse premier Schröder op tot snelle ratificatie.

Het belangrijkste resultaat van dit proces is tot nu toe het Kyoto Protocol, dat in 1997 tot stand kwam. In Bonn zijn geen harde afspraken gemaakt, maar wel werd het pad geëffend om het Kyoto Protocol operationeel te maken bij de volgende top in november 2000 in Den Haag. Daar zal concrete invulling gegeven moeten worden aan de zogenaamde 'flexibele instrumenten', die de mogelijkheid bieden om emissiereducties, behaald in het buitenland, mee te tellen voor de eigen doelstelling en om te handelen in emissierechten.

CO2-reductie in het buitenland
Belangrijk discussiepunt is het percentage CO2-reductie dat in het buitenland gehaald mag worden. De Verenigde Staten zouden het liefst alle CO2 -reductie in het buitenland willen realiseren, terwijl de Europese Unie vasthoudt aan maximaal 50%. Dit is ook de beleidslijn die Nederland al heeft uitgezet in de Uitvoeringsnota Klimaatbeleid, hoewel Minister Pronk aangaf dat over dit percentage te onderhandelen valt, mocht dit nodig zijn om de VS tot ratificatie van het Kyoto Protocol te bewegen.
Vooruitlopend op de besluitvorming over het halen van CO2-reductie in het buitenland, gaat het Ministerie van EZ in 2000 vast experimenteren met een Europese tender voor aankoop van CO2-reductie in Oost Europa (Joint Implementation). Bedrijven uit heel Europa kunnen plannen indienen voor bijvoorbeeld warmtekracht installaties of warmteterugwinning in Bulgarije, Tsjechië, Roemenië en Slowakije.



Terug naar thema Overheid en energiebeleid 1999