Nationalisatie hoogspanningsnet

Berichten uit
2000
In januari deelt minister Jorritsma mee dat zij de onafhankelijke positie van het landelijk hoogspanningsnet wil versterken via een aanscherping van de Elektriciteitswet, maar eerst moet het toezicht van DTe zich nog verder ontwikkelen. Ook de aanscherping van de Elektriciteitswet neemt enige tijd in beslag. Tussentijds kan aandeelhouderschap van de Staat de onafhankelijkheid ondersteunen. Minister Jorritsma wil voor 2 tot 3 jaar de kleinst mogelijke meerderheid (50 procent plus 1 aandeel) in TenneT te verwerven. In maart wil een Kamermeerderheid van PvdA, D66, CDA en GroenLinks volledige nationalisatie van het net. De periode van 2 tot 3 jaar is bovendien veel te kort. EZ gaat daarom de aankoop van het hoogspanningsnet onderzoeken.

In oktober koopt de Staat het hoogspanningsnet voor 2,55 miljard gulden van de vier elektriciteitsproducenten verenigd in de SEP; zij zullen in ruil daarvoor geen juridische stappen ondernemen tegen de overgangswet die het beheer van het hoogspanningsnet regelt. Ook nemen ze de kosten van de bakstenen over. De SEP kan nu op uiterlijk 31 december ontbonden worden. Over 2 jaar volgt een evaluatie van het aandeelhouderschap. Dan zal worden bekeken of alsnog verkoop van de aandelen TenneT kan plaatsvinden. Ook zullen de producenten proberen om zo snel mogelijk 600 MW extra importcapaciteit beschikbaar te stellen. Deze afspraken bieden de essentiële voorwaarden voor een goede marktwerking, volgens de minister.

De politiek reageert verdeeld op de aankoop van het hoogspanningsnet. De VVD is kritisch over de staatsaankoop en vindt dat de vier elektriciteitsproducenten 'heel genereus' zijn bediend. PvdA en D66 zijn verheugd. GroenLinks juicht de nationalisatie toe, als waarborg voor zowel leveringszekerheid als voor onafhankelijk toezicht op het net. Het CDA reageert gematigd positief.


Terug naar thema Overheid en energiebeleid 2000