Tweede Kamer neemt de Overgangswet morrend aan |
Berichten uit 2000 |
Best uit de Test
Uit een studie van het Internationaal Energieagentschap, IEA, is het Nederlandse energiebeleid als gunstigste naar voren gekomen. Er is vooral lof voor de wijze waarop Nederland hoge milieueisen combineert met een liberalisering van de energiemarkt die sneller is dan in andere Europese landen. Wel adviseert het IEA Nederland in Europees verband de gastoevoer op lange termijn veilig te stellen. De druk op het Groningse gasveld neemt immers af, en Nederland importeert gas uit Rusland.
Volgens CDA-kamerlid Hans van den Akker is de voorrang die oude langlopende stroomcontracten krijgen bij de verdeling van de importcapaciteit tegen de Europese wetgeving. Hij eist dat de voorkeursbehandeling wordt geschrapt. In de Overgangswet Elektriciteitsproductiesector wordt de onrendabele erfenis van voor de liberalisering verdeeld. De oude langlopende importcontracten van de SEP krijgen voorrang bij de verdeling van de schaarse importcapaciteit. Daardoor blijft te weinig over voor de vrije markt en dat houdt de stroomprijs hoog.
Hoewel de voorrang van de grote vier gehandhaafd blijft, gaat het wel meer kosten. PvdA en VVD brengen, tegen de wens van minister Jorritsma, tijdens de Kamerbehandeling van de Overgangswet elektriciteitssector een amendement in. De vier elektriciteitsproductiebedrijven moeten hierdoor gaan betalen voor de ruimte die ze nodig hebben op het grensoverschrijdende hoogspanningsnet. Ook worden zij gedwongen om een deel van hun importcapaciteit beschikbaar te stellen aan andere afnemers.
Niet alleen de Tweede Kamer heeft problemen met de wet. De VEMW, VNCI, FME-CWM, MKB-Nederland en de consumentenbond trekken fel van leer tegen de nieuwe elektriciteitswet. Volgens de energieverbruikers zal de wet leiden tot een lastenverzwaring van 2 miljard gulden per jaar. De voorrangspositie van de SEP (EZH, UNA, EPZ en Epon) zou voor echte marktwerking geen ruimte laten. De verhoging van de importcapaciteit met 600 MW is te vrijblijvend en volstrekt onvoldoende. Gebruikers blijven gedwongen duurdere energie uit eigen land te kopen, een kostenpost van circa 1,5 miljard gulden per jaar.
De VEMW dient op 2 november bij de Hoofdofficier van Justitie van
Arnhem een klacht in tegen SEP en TenneT. De afspraken die de twee
organisaties gemaakt hebben over de voorrang van langlopende
SEP-importcontracten zouden inbreuk maken op de onafhankelijkheid van
de netbeheerder en zijn dus in strijd met de Elektriciteitswet 1998.