Regeringsstandpunt Ecotax voor grootverbruiker |
Berichten uit 2001 |
De staatssecretaris van Financiën heeft zich positief uitgelaten over de invoer van een ecotax voor grootverbruikers. Dit is een uitbreiding van de al bestaande ecotax voor kleinverbruikers. Naar aanleiding van kamervragen hierover geeft de minister van Economische Zaken, ook namens de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, toelichting over het kabinetsstandpunt. Het kabinet wacht eerst de uitkomsten van de werkgroep ‘Vergroening van het fiscale stelsel II’, medio 2001 af. Onderdeel hiervan is een onderzoek van het CPB. De minister gaat ook in op eventuele spanning met de taakopdracht van de studiegroep Vennootschapsbelasting in Internationaal perspectief en met het convenant Benchmarking energie-efficiency. Volgens de minister is een verbreding van de REB hiermee niet in strijd. Wel vermeldt het benchmarkconvenant dat bij de toepassing van generieke energiebelastingen altijd rekening zal worden gehouden met de gevolgen voor de ondernemingen. Daarom zal pas een definitief oordeel gevormd worden over de wenselijkheid van een verbreding als de rapporten van de werkgroep en van de Studiegroep gereed zijn.
De werkgroep Vergroening van het fiscale stelsel II meldt in haar eindrapport van 11 juli 2001 het volgende over de verbreding van de REB. Van een energiebelasting gaat een positief milieueffect uit, zo concludeert de werkgroep unaniem. Toch is de werkgroep verdeeld over de vraag of het zin heeft de REB, ook wel ecotax genoemd, te verbreden naar grootverbruikers. Een deel van de werkgroep vindt dit een zinvolle maatregel indien het Nederlandse klimaatbeleid achterblijft bij de gestelde doelen. Deze maatregel zou immers kunnen bijdragen aan een meer evenwichtige verdeling van de benodigde inspanningen tussen alle categorieën energiegebruikers. Een ander deel van de groep meent echter dat allerlei vrijwillige afspraken met het grootbedrijf om tot energiebesparing te komen, bij een dergelijke heffing op de tocht komen te staan. Op 13 juli meldt de staatssecretaris van Financiën Bos in zijn brief bij de aanbieding van het rapport aan de Kamer dat de werkgroep waardevolle bouwstenen heeft aangedragen voor de verkiezingsprogramma’s en nieuwe afspraken voor de volgende kabinetsperiode.