Conflict Havenbedrijf Rotterdam met oliemaatschappijen

Berichten uit
2004

Het Havenbedrijf Rotterdam blijft zich verzetten in een slepende juridische procedure waarin grote oliemaatschappijen de hoogte van het havengeld voor tankers betwisten. Volgens de olieconcerns betalen zij voor een tanker 3 keer zo veel als voor een containerschip wordt gerekend. Olietankers leveren het Havenbedrijf elk jaar ongeveer € 40-50 mln. aan havengeld op. De affaire speelt al sinds 1997, toen Shell de zaak aanhangig heeft gemaakt. Later hebben 3 andere raffinaderijen in de Rotterdamse haven, Nerefco, Kuwayt Petroleum en ExxonMobile, zich bij Shell aangesloten. Oud Shell-directeur J. Kvitvang heeft vorig jaar bij zijn afscheid gesteld dat het Havenbedrijf misbruik maakt van een monopoliepositie omdat de grote tankers niet naar andere havens kunnen. Volgens Kvitvang subsidieert Rotterdam andere havensectoren met het geld dat met de tankers wordt verdiend. In 2002 heeft de Rotterdamse rechtbank in een tussenvonnis Shell deels in het gelijk gesteld. De rechtbank vond ook dat er een commissie van wijze mannen moest komen om de berekeningsmethodiek van havengeld te bestuderen. Tegen dat vonnis heeft het Havenbedrijf zich met succes verweerd, maar in een volgende procedure heeft de Hoge Raad de zaak terugverwezen naar het Hof in Amsterdam.



Terug naar thema Gas- en olie-industrie 2004