Algemeen

Berichten uit
2004

In maart worden resultaten bekend over het gebruik van de Informatielijn van de Nederlandse Mededingingsautoriteit en de Dienst uitvoering en Toezicht energie (NMa/Dte) in 2003. Er werden ongeveer 3300 publieksvragen beantwoord, 45% meer dan in het voorgaande jaar. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen vragen en klachten, omdat het verschil daartussen in de meeste gevallen niet scherp valt aan te geven. Ruim 2800 publieksvragen zijn binnen 1 week beantwoord. De beantwoording van de resterende 500 vragen heeft meer tijd in beslag genomen. De gemiddelde beantwoordingstermijn was derhalve 28 dagen in 2003. De vragenstellers hebben een bijzonder grote verscheidenheid aan onderwerpen gehanteerd waarbinnen een top vijf valt vast te stellen: 15% van de vragen ging over de gevolgen voor de afnemer van het faillissement van EnergyXS; 13% van de vragen ging over de wervingsacties van enkele energieleveranciers; 12% van de vragen ging over de jaarafrekening voor energie, de daarbij gehanteerde energietarieven of over de hoogte van de voorschotbetalingen; en 10% van de vragen ging over de vastgestelde elektriciteits- en gastarieven. Daarnaast is veel uitleg gegeven over de geldende wet- en regelgeving (19%). Bij de resterende publieksvragen stonden de volgende onderwerpen in de belangstelling: problemen rond het switchen van energieleverancier, de wijze van aansluiten op de elektriciteits- en de gasnetten, de methodiek van het reguleren en de liberalisering van energiemarkten in het algemeen.

Consumenten vinden hun energierekening vaak te moeilijk. Dat zegt DTe in maart, mede naar aanleiding van een groot aantal klachten. Daarom gaat DTe binnenkort met de Nederlandse energiebedrijven om de tafel zitten om eenduidige criteria te formuleren waaraan een energierekening dient te voldoen. Het is bijvoorbeeld niet altijd duidelijk hoe de energiebedrijven de door DTe vastgestelde maximumtarieven voor gas- en elektriciteit verrekenen in hun tarieven. Eén van de oorzaken hiervoor is dat de periode waarop de nota betrekking heeft vaak afwijkt van de periode waarvoor het tarief is vastgesteld. Hierdoor is het voor veel consumenten niet mogelijk na te gaan of de bedragen op de nota ook juist zijn.

DTe voert in maart en april quick scans uit bij verschillende regionale energiebedrijven. De toezichthouder wil onderzoeken welke maatregelen de bedrijven hebben getroffen om een switch die aanvankelijk door een fout niet tot stand komt alsnog te realiseren. De dienst toetst de maatregelen op haalbaarheid, effectiviteit en tijdigheid. De resultaten van het onderzoek maakt DTe eind april bekend. Men wil ook in kaart brengen welke maatregelen de energiebedrijven hebben getroffen als er zich factureringsproblemen zouden voordoen. DTe voert dit onderzoek uit mede naar aanleiding van een verzoek hiertoe van de Tweede Kamer aan de Minister van EZ. Een soepel verloop van de switches acht DTe van groot belang met het oog op het verder tot stand komen van marktwerking en concurrentie op de energiemarkt na de liberalisering per 1 juli 2004.

DTe heeft na een uitgebreide beoordeling in juni 50 vergunningen verleend voor het leveren van elektriciteit en / of gas aan kleinverbruikers (huishoudelijke en kleinzakelijke afnemers) na de liberalisering van de energiemarkt per 1 juli 2004. DTe heeft nog acht vergunningsaanvragen in behandeling van bedrijven. Voor het leveren van elektriciteit en / of gas aan kleinverbruikers worden de bedrijven beoordeeld of ze over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten beschikken om hun taak goed te kunnen uitvoeren. Hiermee waarborgt DTe dat de levering van elektriciteit ook na marktopening op een betrouwbare wijze en tegen redelijke voorwaarden plaatsvindt. Daarnaast beoordeelt DTe of de leverancier in staat is om klachten op een adequate manier te behandelen. Ook na het verlenen van de vergunningen blijft DTe erop toezien dat bedrijven aan de vereisten blijven voldoen. Op basis van de Elektriciteitswet 1998 of de Gaswet is het verboden om zonder vergunning elektriciteit of gas te leveren aan consumenten. Leveren bedrijven toch elektriciteit of gas zonder vergunning dan kan DTe een bindende aanwijzing geven dan wel een last onder dwangsom opleggen. Met het van kracht worden van de Interventie en Implementatiewet kan DTe vanaf 1 juli 2004 ook boetes opleggen.

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) heeft in juni een inval gedaan in de kantoren van de energiebedrijven Nuon, Essent, Delta en Eneco. De NMa heeft echter nog steeds geen uitsluitsel gegeven omtrent de precieze redenen voor de inval. De toezichthouder beperkt zich tot de verklaring dat er een ‘redelijk vermoeden’ is dat de energiebedrijven de mededingingswet overtreden. Mogelijk is de NMa op zoek naar materiaal waaruit blijkt dat de energiebedrijven onderling prijsafspraken hebben gemaakt, of afspraken dat ze geen klanten gaan werven in elkaars werkgebieden. Het is ook denkbaar dat de NMa zoekt naar ontoelaatbare boekhoudkundige verstrengelingen tussen de netbeheerders en de overige onderdelen van de energieconcerns. Verder is het mogelijk dat de NMa zoekt naar zaken die duiden op misbruik van marktmacht van de vier elektriciteitsproducenten.

In augustus blijkt dat de NMa in juni een inval heeft gedaan bij de vier grote Nederlandse energiebedrijven (Essent, Nuon, Eneco en Delta) omdat enkele gemeenten hadden geklaagd over mogelijk ongeoorloofde samenwerking tussen de energiebedrijven. De gemeente Groningen heeft zich beklaagd over het opvallend lage aantal energiebedrijven dat meebood op het gemeentelijke energiecontract. Den Haag heeft ook bij de NMa geklaagd over de aanbesteding van het gemeentelijke energiecontract, maar laat in het midden waarom. De toezichthouder onderzoekt of er afspraken zijn gemaakt over de verdeling van de consumentenmarkt en de groothandelsmarkt voor stroom en gas.

DTe is in november een onderzoek gestart naar het aanleveren van verbruiksgegevens aan energieleveranciers. Aan de hand van deze verbruiksgegevens stellen de leveranciers de jaarafrekening op. In het onderzoek betrekt DTe de netbeheerders, de meetbedrijven en de energieleveranciers. Aanleiding voor het onderzoek vormen klachten van consumenten over te late jaarafrekeningen of het uitblijven van jaarafrekeningen. Daarnaast heeft DTe signalen ontvangen van nieuwkomers dat de gegevensuitwisseling voor problemen zorgt waardoor zij niet tijdig in staat zouden zijn om de jaarafrekeningen te versturen. Het gaat daarbij ook om de wijze waarop de verbruiksgegevens worden uitgewisseld. Daarom heeft DTe in de nazomer van 2004 een inventarisatie uitgevoerd bij een aantal leveranciers om een beeld te krijgen van de omvang en achtergronden van de achterstanden in de jaarfacturering. Uit deze inventarisatie blijkt dat er achterstanden zijn en dat het niet tijdig aanleveren van de benodigde verbruiksgegevens hiervan de belangrijkste oorzaak is. De toezichthouder op de energiemarkt vindt dat consumenten en partijen op de energiemarkt moeten weten waar zij aan toe zijn. Dit betekent dat afnemers binnen een redelijke termijn een jaarafrekening moeten krijgen en dat alle partijen op deze markt in staat moeten zijn om aan de hand van de juiste gegevens de jaarafrekening tijdig op te stellen. De resultaten van het onderzoek worden begin 2005 verwacht. Naar aanleiding van de resultaten zal DTe beoordelen of er aanvullende maatregelen nodig zijn.



Terug naar thema Elektriciteits- en gasmarkt 2004