Nieuwe kolencentrale |
Berichten uit 2004 |
EZ-minister Brinkhorst zegt in juli in antwoord op kamervragen positief te staan tegenover de bouw van een nieuwe kolencentrale in Nederland. Volgens de minister draagt een nieuwe kolencentrale bij aan de voorzieningszekerheid. Daarnaast is het goed om niet een eenzijdig gasgestookt productiepark te hebben. Verder komt er zo een groter aanbod van relatief goedkope stroom, wat gunstig is voor de consument en de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie. Wel moet een nieuwe kolencentrale passen in het beleid inzake de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie. Voor de CO2-emissies is daarbij de emissiehandel maatgevend. Greenpeace vindt - op basis van een onderzoek van Ecofys - dat de bouw van een nieuwe kolencentrale op de Maasvlakte overbodig is. Het blijkt dat door vermindering van stand-by verliezen van elektrische apparatuur bij huishoudens, gebruik van spaarlampen en kleine elektrische apparaten een energiebesparing kan worden gerealiseerd die overeenkomt met 50-75% van de jaarlijkse productie van de geplande kolencentrale. Door maatregelen bij kantoren en de industrie kan nog eens een energiebesparing van 30-50% worden gerealiseerd. Het besparingspotentieel kan op een termijn van 6 jaar worden gerealiseerd wanneer de juiste beleidsinstrumenten worden ingezet, aldus Greenpeace. Dat maakt uiteindelijk de kolencentrale overbodig. In het rapport heeft Ecofys het onder meer over beleidsinstrumenten als het ontwikkelen van een energiezuinig aankoopbeleid door de overheid, het opzetten van een labellingsysteem voor stand-by verbruik door leveranciers en spaarlampenacties door winkeliers en energiebedrijven.