Duurzame elektriciteit

Berichten uit
2004

CertiQ, een dochter van de beheerder van het TenneT, geeft in februari voor ruim 320.500 MWh de eerste Garanties van Oorsprong (GvO) uit voor elektriciteit dat geproduceerd is d.m.v. windkracht, waterkracht, zonnekracht en biomassa-installaties in Nederland. GvO’s vervangen sinds dit jaar de groencertificaten en blijven 1 jaar geldig. In de GvO’s wordt vastgelegd hoeveel duurzame elektriciteit er is geproduceerd en hoeveel er is geleverd aan eindverbruikers. CertiQ verwacht dit jaar in totaal circa 3 miljoen van deze certificaten uit te geven. Alle landen van de Europese Unie voeren een vergelijkbaar systeem in waarmee de certificaten kunnen worden verhandeld. Daarmee kan in Nederland geproduceerde duurzame elektriciteit ook in het buitenland verkocht worden. De nog geldige groencertificaten uitgegeven voor Nederlandse elektriciteit zijn omgezet in GvO’s. Installaties voor duurzame elektriciteit kunnen op basis van de GvO’s 10 jaar lang in aanmerking komen voor de MEP-subsidie (Milieukwaliteit elektriciteitsproductie). Met de MEP kan de zogenaamde onrendabele top van de investering worden gefinancierd.

In maart zijn er voor het eerst buitenlandse Garanties van Oorsprong (GvO’s) geïmporteerd naar het E-certificatensysteem van CertiQ. Het gaat om een hoeveelheid van ongeveer 88.500 MWh. Met de GvO’s legt men vast hoeveel duurzame elektriciteit er is geproduceerd en hoeveel er is geconsumeerd. Door de import van GvO’s is het mogelijk om in het buitenland opgewekte duurzame elektriciteit in Nederland te leveren aan eindverbruikers. Deze eerste GvO’s zijn uitgegeven ten behoeve van de productie van verschillende biomassa-installaties in Finland. Ze zijn uitgegeven in het systeem van de Finse TSO Fingrid, en door een Finse handelaar overgeboekt naar een handelsaccount in het Nederlandse systeem. De GvO’s komen voort uit een Europese richtlijn, waarmee alle landen van de Europese Unie een vergelijkbaar systeem kunnen invoeren om elektriciteitscertificaten te verhandelen. De Europese richtlijn is in Nederland vanaf 1 januari 2004 van kracht geworden en vervangt het oude systeem van Groencertificaten.

In mei wordt bericht dat VolkerWessels en Kema i.h.k.v. het Novem-programma Nieuw Energieonderzoek (NEO) samen een systeem willen ontwikkelen om elektriciteit te maken uit het spanningsverschil tussen zout en zoet water. Het systeem werkt als omgekeerde elektrodialyse. Selectieve membranen laten alleen positief of negatief geladen zoutdeeltjes door. Tussen elektroden in de verschillende oplossingen gaat vervolgens een stroom lopen. VolkerWessels wil een prototype van het systeem bouwen in een zeecontainer met een vermogen van 250 kilowatt. Daarvoor zouden vier modulen van elk 2 bij 2 bij 2 meter nodig zijn. De planning is om de centrale eind volgend jaar bij het IJsselmeer te plaatsen. Het zoete water komt uit het IJsselmeer, het zoute uit de Waddenzee. Het principe van de techniek is al lang bekend, maar door de goedkopere membranen zou het nu rendabel kunnen zijn. Het NEO-project staat bekend onder de naam Blue Energy.

Volgens een verklaring van EU energie-commissaris De Palacio in mei moeten diverse Europese landen, waaronder Nederland, meer doen aan de bouw van windmolens, zonnecollectoren en benutting van andere alternatieve energiebronnen. Zonder extra inspanning haalt Europa niet de 2010 doelstelling van 22% duurzame elektriciteit. Op basis van cijfers uit 2001 komt Europa hooguit aan 18 of 19%. De windmolens en andere eigen bronnen moet helpen voorkomen dat Europa te afhankelijk wordt van de dure olie. De Palacio roemt de inspanningen van Spanje, Duitsland en Finland. Deze landen halen inmiddels meer stroom uit alternatieve bronnen dan beoogd. Absolute achterblijvers zijn Griekenland en Portugal. Om een extra impuls te geven, overweegt de Europees commissaris een actieplan voor biomassa. Daarbij wordt energie opgewekt uit de verbranding van bijvoorbeeld afval. Ook wil ze meehelpen aan windmolenparken in zee. Nederland heeft dit jaar al 9 grote windmolens neergezet op de Maasvlakte. Volgend jaar volgen nog 60 van zulke turbines voor de kust bij IJmuiden.

Het CBS meldt in juni dat de Nederlandse windmolens in 2003 1303 GWh hebben geproduceerd, 4% meer dan in 2002 met windkracht werd gerealiseerd. De hoeveelheid duurzame energie als onderdeel van alle Nederlandse stroom is vorig jaar nauwelijks toegenomen in vergelijking met 2002. Nederland produceerde in 2003 bijna ruim 2% meer duurzame stroom dan in het jaar ervoor. De import van duurzame elektriciteit nam met 10% af. De afname van de invoer werd gecompenseerd door het nog beschikbare surplus aan groene stroom uit 2002. Het afgelopen jaar is een aanzienlijk aantal grote windmolens in gebruik genomen. De capaciteit voor windenergie steeg daardoor tot 884 MW. De overige groene bronnen droegen minder dan 20% bij aan de productie van duurzame energie. Waterkrachtcentrales produceerden minder elektriciteit als gevolg van de droogte. De rioolwaterzuiveringsinstallaties produceerden door de droogte minder biogas uit slib.

In juli werden voor het eerst Garanties van Oorsprong verhandeld via CertiChange, één van de elektronische handelsplaatsen van New Values. De handel in deze GVO’s (voorheen groencertificaten) is voor veel bedrijven een doeltreffende manier om invulling te geven aan hun milieubeleid. Aan de eerste handelssessie namen verschillende grote bedrijven uit de elektriciteitssector deel. In het orderboek werden certificaten op basis van verschillende technologieën (water, biomassa en wind) en zowel met als zonder energiebelasting aangeboden en gevraagd. Het orderboek laat momenteel nog een gevraagde hoeveelheid van circa 13.000 MWh zien. GvO’s zijn ontstaan als stimulering van de ontwikkeling van duurzame energie en vormen het bewijs dat elektriciteit ook werkelijk duurzaam is opgewekt. Tot nu toe werden GvO’s alleen bilateraal verhandeld. Aanbieders en kopers zochten elkaar zelf op en kwamen gezamenlijk tot een overeenkomst die contractueel werd vastgelegd. Het voordeel van een handelsplatform is dat meerdere kopers en aanbieders elkaar vanaf hun eigen werkplek online ontmoeten en anoniem kunnen onderhandelen. Hierdoor worden prijzen transparant en inzichtelijk. Transacties worden door het platform volledig administratief, juridisch en financieel afgehandeld, hetgeen de handelende partijen veel zekerheid biedt en kosten bespaart. New Values is een netwerkorganisatie waarin een aantal partijen hun deskundigheid inbrengen. Aandeelhouders zijn TenneT B.V. en Rabobank Nederland. Voor haar directe klantencontact werkt New Values nauw samen met APX. New Values heeft diverse elektronische platforms voor de handel in milieugerelateerde producten. Naast CertiChange zijn dat EEeXchange voor NOx-emissierechten en Climex voor CO2-emissierechten. Op alle platforms heeft inmiddels succesvol handel plaatsgevonden. De verwachting is, dat vanaf 1 januari 2005 vooral de handel in CO2 via Climex grote vormen zal aannemen.



Terug naar thema Duurzame energie 2004