CO2-uitstootregistratie

Berichten uit
2005

De Europese richtlijn voor emissiehandel voor CO2 bepaalt dat lidstaten verbrandingsinstallaties, ketels of energiecentrales boven de 20 MW in hun nationale allocatieplannen moeten opnemen. Die plannen vormen de basis voor het handelssysteem in CO2-uitstootrechten (EU emission trading system of ETS) dat onderdeel moet worden van de uitvoering van het Kyoto-protocol. Diverse lidstaten interpreteren de EU-richtlijn echter op hun eigen wijze. Daarom probeert Nederland in Brussel harmonisatie af te dwingen van criteria die omschreven zijn in het ETS, zodat een voor iedereen gelijk speelveld (‘level playing field’) ontstaat.

De Europese Commissie hoopt de details van de nationale registraties m.b.t. emissie van CO2 van alle 25 EU-lidstaten eind april af te ronden. Alleen Denemarken, Finland en Nederland hebben de wettelijke ‘deadline’ van 28 februari weten te halen en kunnen starten met de handel in CO2-emissie. Handel op de spotmarkt binnen het ETS kan alleen wanneer de emissierechten zijn opgenomen op de rekening van het bedrijf in kwestie. De EC moet ook nog vaststellen of alle 25 nationale registraties overeenkomen met het centrale transactie logboek. In maart worden de systemen van nog zeven lidstaten goedgekeurd. De Commissie hoopt de NAPs (Nationale Allocatieplannen) van Tsjechië, Griekenland, Italië en Polen begin april goed te keuren.

Begin december pleit EZ-minister Brinkhorst tijdens de vergadering van de Europese energie- en transportministers in Brussel voor afschaffing van het gratis verstrekken van CO2-emissierechten voor elektriciteitsproducenten in Europa met ingang van 2008. Daarmee wil de minister iets doen aan de ‘windfall profits’ die de elektriciteitsproducenten, hoewel legaal, kunnen halen uit de grotendeels gratis verkregen CO2- emissierechten. Bij de volgende verdeling van emissierechten, tussen 2008 en 2012, wil de minister de stroomsector relatief minder uitstootrechten geven en de zware industrie meer.

Eind december krijgen alle bedrijven die vallen onder het systeem voor CO2-emissiehandel een brief van de ministeries van EZ en VROM en werkgeversorganisatie VNO-NCW over de toewijzing van de emissierechten voor de periode 2008 tot en met 2012. De bedrijven moeten uiterlijk 31 januari 2006 de basisgegevens aanleveren waarmee de toewijzing van emissierechten voor de tweede handelsperiode kan worden bepaald. Alle lidstaten in Europa zijn verplicht om uiterlijk op 30 juni 2006 een allocatieplan bij de Europese Commissie in te dienen. Rond april 2006 volgt een inspraakronde en de daadwerkelijke toewijzing van de rechten moet tegen het eind van 2006 plaatsvinden. Ongeveer 150 Nederlandse bedrijven die in de eerste periode van het Europese systeem voor CO2-emissiehandel nog gebruik konden maken van een ‘opt-out’ (een uitzondering op de verplichting tot deelname) moeten nu ook hun gegevens aanleveren. Omdat de Europese wetgeving geen ruimte laat voor een ‘opt-out’ kan het zijn dat die mogelijkheid vanaf 2008 vervalt. Wel wordt nog onderzocht hoe voor kleinere bedrijven met weinig uitstoot (de zogenaamde ‘Calimero-groep’) de administratieve lasten kunnen worden beperkt.



Terug naar thema Overheid en energiebeleid 2005