Concurrentie energiebedrijven

Berichten uit
2005

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) heeft het in juni 2004 gestarte onderzoek naar mogelijk concurrentiebeperkend gedrag van de Nederlandse energieleveranciers half juni beëindigd. Het onderzoek heeft geen concreet bewijs opgeleverd van een overtreding van de Mededingingswet. De NMa heeft het onderzoek in de energiesector onder meer toegespitst op aanbestedingen van elektriciteit mede op basis van signalen van Nederlandse gemeenten. Diverse gemeenten gaven aan dat bij openbare aanbestedingen voor elektriciteit slechts een zeer beperkt aantal energiebedrijven reageerden. De NMa heeft bij haar onderzoek betrokken dat het lage aantal inschrijvingen ook verklaard kan worden uit het gebrek aan ervaring van partijen en de complexiteit van bestekken bij gemeentelijke aanbestedingen alsmede de administratieve problemen rondom het switchen en de facturering. Deze administratieve problemen hadden deels te maken met de overgang naar een geliberaliseerde energiemarkt. Gegeven de structuur van de Nederlandse energiemarkt met een beperkt aantal spelers en de daarin aanwezige overlegstructuren blijft de NMa deze sector nauwlettend volgen. Mocht de NMa in de toekomst nieuwe informatie ontvangen, dan kan deze besluiten het onderzoek te heropenen.

Half augustus bericht de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) over haar voornemen om de concurrentie op de energiemarkt te versterken door de positie van nieuwe toetreders zonder netwerk te verbeteren. De nieuwe aanbieders moeten nu veel hogere financiële garanties afdragen aan netbeheerders dan leveranciers die samen in één concern zitten met een netbeheerder. In het nieuwe NMa-ontwerpbesluit mogen de netbeheerders geen financiële garanties meer vragen aan deze nieuwkomers. Hun risico op het mislopen van netwerkinkomsten bij faillissement van een energieleverancier mogen de netbeheerders opvangen door hun netwerktarieven tijdelijk te verhogen. Het plan is in lijn met de uitkomsten van het onderzoek dat KPMG in opdracht van de DTe heeft uitgevoerd. Partijen krijgen tot 7 november 2005 de tijd om te reageren op dit besluit. Daarna stelt de toezichthouder het besluit definitief vast. DTe wil een soortgelijke bepaling ook in de komende Tarieven Code Gas opnemen.

EZ-minister Brinkhorst heeft op een rij gezet welke nieuwe instrumenten hij kan inzetten om concurrentie op de groothandelsmarkt voor elektriciteit te bevorderen: een advies van de DTe over de veiling van opwekkingscapaciteit, een monitoring-onderzoek van DTe over het functioneren van de groothandelsmarkt in 2005, en een onderzoek van de toezichthouder naar overwinsten. De uitkomsten daarvan worden eind februari 2006 verwacht. Ten slotte is NMa/DTe bezig met een onderzoek naar mogelijke effecten van verschillende ontwikkelingen op de elektriciteitsmarkt voor de beoordeling van fusies en overnames; dat moet binnen een paar maanden zijn afgerond. Hoewel de minister het met de Tweede Kamer eens is dat de Nederlandse en Noordwesteuropese groothandelsmarkt voor elektriciteit kenmerken heeft van een oligopolistische markt is ook op zo’n markt effectieve concurrentie mogelijk met voordelen voor de consument. Verder worden door de minister twee nog te publiceren onderzoeken van de Europese Commissie genoemd.



Terug naar thema Elektriciteits- en gasmarkt 2005