Aardbevingen

Berichten uit
2005

Uit een in februari nog niet gepubliceerde studie van TNO en het KNMI blijkt dat het aantal aardbevingen als gevolg van gaswinning in Nederland de komende jaren belangrijk zal toenemen. Vooral winningsgebieden met een ondergrond van veen of slappe kleigrond lopen risico vanwege zogenaamde opslingering: trillingen uit de 2,5 kilometer diep gelegen gasreservoirs worden daarbij de laatste 30 meter niet verder gedempt maar juist versterkt. Uit de studie blijkt dat een aantal velden in Groningen (Pasop, Vries-Zuid) en Overijssel (Tubbergen, Hardenberg) 50% kans heeft op een aardbeving. Enkele kleine velden in Zuid-Holland (Pernis, Botlek, Monster) lopen 10% kans op een beving. Op het Nederlandse vasteland zijn nu 120 aardgasvelden in productie. Tot nog toe beefden maar 16 velden. Het Groningenveld (Slochteren) trilde het vaakst, bijna 200 keer. Volgens een schatting van het KNMI zullen de bevingen niet uitkomen boven 3,9 op de schaal van Richter.

Een netwerk van zogeheten geofoons in het Drentse Exloo gaat vanaf maart de ondergrond van Noord-Nederland in beeld brengen. Wetenschappers van de Technische Universiteit Delft, de Vrije Universiteit in Amsterdam en de Universiteit Utrecht hopen daardoor meer te weten te komen over de kleine aardbevingen die in die regio geregeld voorkomen. Geofoons zijn een soort microfoons die geluidsgolven uit de ondergrond opvangen. Op het testveld in Exloo zullen 48 geofoons op 5 meter diepte 10 jaar lang geluidsgolven opvangen. Aardbevingen veroorzaken de duidelijkste geluidsgolven. De kleine bevingen in Noord-Nederland houden vermoedelijk verband met het opnieuw in beweging komen van bestaande scheuren in de ondergrond als gevolg van de gaswinning.



Terug naar thema Gas- en olie-industrie 2005