Elektriciteitsproductie

Berichten uit
2006

Begin juni publiceert het Europees statistisch bureau Eurostat cijfers over de productie van elektriciteit in de Europese Unie. In 2005 is 0,2% minder stroom opgewekt. Vooral kernenergie is minder gebruikt (- 1,4%). Elektriciteit uit windmolens en waterkracht nam 2,1% toe. In Nederland daalde de productie 0,6% in vergelijking met het voorgaande jaar. Dat gebeurde vooral door de traditionele centrales minder te laten draaien. Europese elektriciteit wordt grotendeels (55,8%) geproduceerd door centrales die draaien op fossiele brandstoffen. Kerncentrales zorgen voor 30,6% van de stroom en windturbines en waterkrachtcentrales leveren 13,7%. Ondanks de lagere productie is stroomverbruik in Europa in 2005 met 0,4%% toegenomen, onder meer omdat de EU elektriciteit importeert.

Begin oktober meldt Eurostat dat de import van primaire energie in de Europese landen in 2005 met 2% is toegenomen. De eigen productie van primaire energie is verder gedaald. Europa produceerde 9% minder olie, 5,8% minder gas en 5,7% minder kolen dan in 2004. Ook de productie van kernenergie liep terug met 1,3%. De grootste aardgasproducent in de EU, Groot-Brittannië (44%) kende een 7,7% lagere productie. Europa vertrouwde in 2005 voor 56% van zijn energiebehoeften op import, 2% meer dan in 2004. Gas vertoonde de grootste importgroei met 9,2%.



Terug naar thema Overheid en energiebeleid 2006