Milieubeleid |
Berichten uit 2006 |
Het Kabinet beoogt met de Toekomstagenda Milieu de EU milieudoelen te bereiken. Als de daarin geformuleerde maatregelen daadwerkelijk worden gefinancierd en geïnstrumenteerd, zullen de 2010-beleidsdoelen voor klimaat (Kyoto) en emissies naar lucht waarschijnlijk kunnen worden gehaald. Dat lukt niet met het huidige milieubeleid. Onderdeel van de Toekomstagenda zijn de eind mei door het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) uitgebrachte Milieubalans 2006 en de Beoordeling maatregelenpakket Toekomstagenda Milieu. Voor veel milieuthema’s is over een lange periode een trendmatige verbetering te zien; terwijl de economie gestaag groeide, nam de milieudruk in veel gevallen af. De verbeteringen vonden vooral plaats binnen bedrijven, die steeds schoner zijn gaan produceren. De milieudruk door consumenten neemt wel steeds verder toe, waardoor de milieuwinst die door bedrijven is gerealiseerd deels weer teniet wordt gedaan. Nederland maakt in vrijwel alle dossiers gebruik van de mogelijkheden om flexibel om te gaan met de nationale en de EU-verplichtingen. Zo koopt Nederland emissierechten voor broeikasgassen in het buitenland via verschillende systemen, heeft Nederland uitstel gevraagd voor het halen van doelen van nitraat in grondwater en overweegt Nederland saldering voor geluid rond Schiphol en luchtkwaliteit.
Vrijdag 13 oktober toont het kabinet zich in een reactie op de Milieubalans 2006 van het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) 'verheugd' dat de ontkoppeling tussen economische groei en milieudruk nog steeds doorzet. Met de maatregelen uit de Toekomstagenda Milieu kunnen de milieudoelen alsnog op tijd worden gehaald. Uit de Milieubalans blijkt dat de lucht, het water en de bodem schoner worden, maar dat met het vastgestelde beleid niet alle milieudoelen worden gehaald. Het MNP verwacht dat het met de voorgestelde maatregelen uit de Toekomstagenda Milieu wel kan lukken. Ook blijkt dat de luchtkwaliteit is verbeterd en het aantal knelpunten is verminderd. Wel benadrukt het kabinet dat het nog steeds noodzakelijk is om geplande maatregelen uit te voeren. Vooral industrie en verkeer stoten nog te veel zwaveldioxiden en stikstofoxiden uit. Daarom zijn er onder meer afspraken gemaakt met raffinaderijen en elektriciteitscentrales. Ook wil het kabinet het zwavelgehalte verlagen in de brandstof voor de binnenvaart en de landbouw. Verder erkent het kabinet dat er extra maatregelen nodig zijn om de waterkwaliteit te verbeteren en verdroging tegen te gaan.