Industrie |
Berichten uit 2007 |
Uit aanvragen die door het bedrijfsleven zijn gedaan in het kader van de Energie Investeringsaftrek (EIA) heeft SenterNovem berekend dat het Nederlandse bedrijfsleven in 2006 minstens €2,5 miljard heeft geďnvesteerd in energiebesparende, duurzame technieken. De investeringen zijn ruim twee keer zo hoog als in 2005. De kleinere bedrijven, vooral in de industrie, namen het merendeel voor hun rekening. Ook de energieproducenten gaven in 2006 fors meer uit. Volgens LTO Nederland gaan boeren en tuinders, naast agrarische producten, steeds meer duurzame energie gaan produceren. Op dit moment levert de glastuinbouw al circa 15% van de elektriciteitbehoefte van de gezamenlijke Nederlandse huishoudens. Volgens prognoses levert de tuinbouw eind dit jaar ruim 2.100 MWe aan energiebedrijven. Vorig jaar is bijvoorbeeld voor €892 miljoen uitgegeven aan elektriciteitsopwekking met biomassa-installaties. In 2005 was dat nog maar €70 miljoen.
De chemische industrie deelt de ambities van het kabinet om de klimaatverandering te beheersen en het energieverbruik drastisch te beperken. In het kader van de plannen voor een duurzaamheidakkoord van VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland heeft de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) in mei een pakket van initiatieven voor de chemie gepresenteerd. De sector stelt zichzelf ten doel om het gebruik van fossiele grondstoffen binnen 25 jaar te halveren en tegelijkertijd binnen 10 jaar haar bijdrage aan het Bruto Binnenlands Product (BBP) te verdubbelen. De chemische industrie is ervan overtuigd dat wanneer bedrijfsleven en overheid de handen ineenslaan een verdere duurzame groei van de industrie mogelijk wordt. Verdergaande innovatiemaatregelen vormen de rode draad in de plannen.
Shell meldt in oktober dat het bedrijf uit het restwarmteproject van het Rotterdamse warmtebedrijf stapt. Het is te duur voor het warmtebedrijf om de restwarmte van de olieraffinaderij bij huishoudens op Zuid en Hoogvliet te krijgen. In 2005 is het project opgezet om 300.000 huishoudens in Rotterdam van schone energie te voorzien. De gemeente Rotterdam heeft tot nu toe €28 miljoen in het project gestoken, maar er is nog geen huis dat via deze schonere energie wordt verwarmd. Alleen Afvalverwerking Rotterdam (AVR) levert nu nog restwarmte en de gemeente zoekt naar nieuwe leveranciers.
ECN gaat samen met Nederlandse apparatenbouwers industriële warmtepompen ontwikkelen die 5 tot 10% energiebesparing opleveren. Momenteel gaat er bij het stoken van fornuizen en het opwekken van stoom meer dan 80% restwarmte verloren via koelwater en koeltorens. De nieuw te ontwikkelen warmtepompen kunnen 20 tot 30% van de restwarmte omzetten naar nuttige proceswarmte of proceskoude. Bij ECN zijn twee typen hoge temperatuur warmtepompen in ontwikkeling die de warmte kunnen opwaarderen, namelijk een thermo-akoestische warmtepomp en een chemische warmtepomp. Uit onderzoek blijkt dat deze warmtepompen een terugverdientijd hebben van 5 jaar. ECN heeft samen met de Nederlandse apparatenbouwers Bronswerk, Dahlman en Oostendorp onlangs een intentieverklaring getekend voor verdere ontwikkeling. Na het ontwikkelen van een benchscale systeem in het laboratorium verwacht men in 2010 een prototype in de praktijk te kunnen testen. Na een succesvolle praktijktest zet men een demonstratiesysteem op voor een bedrijf die de pompen in gebruik wil nemen.