Energielabels |
Berichten uit 2008 |
In december meldt minister Vogelaar voor Wonen, Wijken en Integratie in een brief aan de Tweede Kamer geen aanleiding te zien om de ingangsdatum van het energielabel te verschuiven. Samen met het Kwaliteitsborgingsinstituut voor de installatiesector (KBI) komt het ministerie wel met enkele aanvullende maatregelen om de kwaliteit van het energielabel te garanderen. Op grond daarvan is het verantwoord om door te gaan met het energielabel, aldus de minister. Dat betekent dat eigenaren van woningen en andere gebouwen vanaf 1 januari 2008 bij verkoop of verhuur een energielabel moeten overhandigen aan de koper/huurder. De huidige beoordelingsrichtlijn (BRL9500) stelt eisen aan het Energieprestatiecertificaat en aan de medewerkers van de gecertificerende bedrijven die het energielabel verstrekken. Het KBI zal per 1 april een eindtoets invoeren voor alle betrokken medewerkers. Verder komen er vervroegde steekproeven op de kwaliteit van de gecertificeerde bedrijven en wordt de klachtenprocedure verbeterd. Met de invoering van het energielabel voert het kabinet Europese afspraken uit.
Op basis van de afgegeven energielabels meldt SenterNovem in januari dat 8% van de bijna 54.000 huizen die zijn voorzien van een energielabel nog veel energie verbruiken en dus zijn voorzien van een G-label. Slechts 286 woningen (0,55 procent) gebruiken weinig energie en mogen het A++-label voeren. Het grootste deel van de huizen (70 procent) scoort gemiddeld (D-label). Ruim 28.000 woningen die een energielabel kregen zijn vóór 1975 gebouwd. Ongeveer 22.000 gelabelde huizen zijn gebouwd tussen 1976 en 2007. Er zijn ruim 2000 huizen geïnspecteerd die vóór 1945 zijn gebouwd. Daarvan kregen tien huizen het A++-label. De huursector is goed voor 85 procent van het aantal verstrekte labels. En dat terwijl labeling van huurwoningen pas op 1 januari 2009 verplicht is. De verklaring hiervoor is dat woningcorporaties veel identieke woningen bezitten en na één grondige inspectie ook labels voor soortgelijke woningen kunnen krijgen. De energielabels zijn per 1 januari verplicht voor mensen die hun huis willen verkopen of verhuren. De labels lopen van de letters A tot en met G. Een woning met het label A is het zuinigst en een huis met het label G verbruikt veel energie.
In februari weet het ministerie voor Wonen, Wijken en Integratie te melden dat er al honderdduizend woningen een energielabel hebben: ongeveer 20.000 voor koophuizen en de rest vooral voor huurwoningen van woningcorporaties. De meeste labels zijn D (20.000), gevolgd door E (19.000) en C (17.500). Van de gecertificeerde huurwoningen zit 48 procent in de klassen E, F en G. Bij de koopwoningen is dat 42 procent.
In een TV-uitzending van Tros Radar ontraden enkele makelaars klanten om hun woning te laten voorzien van een energielabel. In het programma was eind 2007 al geconcludeerd dat de invoering van het energielabel niet vlekkeloos verloopt. Een keuring van een woning door drie verschillende adviseurs leverde toen drie zeer uiteenlopende energielabels op. Met name deze uitzending blijkt bij veel makelaars nog in het achterhoofd te zitten. Eigenlijk moet elke woning, gebouwd na 1996, die sinds 1 januari wordt verkocht, van een energielabel zijn voorzien. Alleen als koper en verkoper samen besluiten om van het label af te zien, dan wordt dit gedoogd. Van de 100.000 energielabels die al zijn afgegeven blijkt het in de praktijk te gaan om ongeveer 80.000 huurwoningen, waarvoor woningcorporaties labels hebben aangevraagd. Volgens minister Vogelaar (Wonen, Wijken en Integratie) zijn de makelaars die in de uitzending naar voren komen slechte makelaars zijn waar je geen zaken mee moet doen. De Vereniging Eigen Huis heeft op haar site het advies staan dat koper en verkoper voorlopig beter kunnen afzien van een energielabel. Volgens de vereniging verandert dit advies zodra de minister de afgesproken verbeterpunten, die zij heeft beloofd, heeft uitgevoerd. Een zo’n verbeterpunt is een verplichte toets voor EPA-adviseurs. Deze zou per 1 april aanstaande ingevoerd moeten worden. Maar bij de organisatie die dit gaat uitvoeren, Stichting KBI, was al te horen dat deze datum zeer waarschijnlijk niet gehaald zal gaan worden. De Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) wil dat de overheid sancties oplegt als aan de wettelijke verplichting van het energielabel niet wordt voldaan. Ook wil ze dat de overheid betere voorlichting geeft over het label. Inmiddels hebben 2.186 NVM-makelaars een opleiding gevolgd om te adviseren in energielabels. De NVM werkt in het energiebesparingsprogramma ‘Meer met minder’ samen met marktpartijen om de invoering van de energielabels tot een succes te maken.
Ui onderzoek van adviesbureau Cauberg-Huygen in opdracht van SenterNovem blijkt dat de rekenmethode voor het energielabel ongeschikt is voor woningen op de begane grond. Volgens de huidige benadering bespaart vloerisolatie volgens Cauberg-Huygen vrijwel geen energie en heeft het daarom op dit moment geen invloed op de indeling in labelklassen. In het rapport (Besparing door bodem- en vloerisolatie bij woningen) wordt geconcludeerd dat dit niet klopt. De besparing met vloerisolatie bedraagt geen 0,33 tot 0,40 m3 aardgas per m2 per jaar maar 7,8 m3 bij R=2,5. Uit het artikel ‘energielabel mist factor vloerisolatie’ dat in het Dagblad Cobouw verscheen, blijkt bovendien dat het onderzoek al geruime tijd gereed was, maar dat verspreiding en openbaarmaking is uitgesteld.
Ruim de helft van de huizenkopers denkt dat het energielabel geen bijdrage levert aan energiebesparing in Nederland. Nog geen 40 procent denkt dat die bijdrage gering is. Dat blijkt uit een eind juli gepubliceerd onderzoek van onderzoeksbureau EIM Stratus in opdracht van brancheorganisatie VBO Makelaar. Slechts 38 procent van de huizenkopers zegt te letten op de aanwezigheid van een energielabel. Dat is volgens de onderzoekers opvallend want een ruime meerderheid let wel op het energieverbruik van de woning. Andere makelaarsorganisaties, waaronder de NVM, kraakten het systeem al eerder af. Volgens de NVM krijgen in de praktijk alleen huizen die lang te koop staan een energielabel. Het label, dat duidelijk moet maken hoe goed of slecht een huis presteert op het gebied van energieverbruik, is sinds 1 januari verplicht voor woningen die ouder dan 10 jaar.