Kolen

Berichten uit
2009

De televisiezender Discovery besteed in mei aandacht aan het feit dat steeds meer wetenschappers tot de conclusie komen dat de steenkoolreserves zwaar overschat zijn, ook door het klimaatpanel van de VN. Meestal gaat men ervan uit dat de Verenigde Staten, China en Australië nog voor honderden jaren steenkoolreserves hebben. David Rutledge van het California Institute of Technology bestudeerde de evolutie van de steenkoolproductie in vijf belangrijke gebieden: Pennsylvania in de VS, Frankrijk, het Duitse Ruhrgebied, Groot-Brittannië en Japan. Hij zag in de vijf regio’s een gelijkaardige klokcurve: eerst een steile groei, dan een piek, en ten slotte een constant dalende lijn. Door die trend te extrapoleren komt Rutledge aan een wereldwijde steenkoolreserve van 666 miljard ton. Dat is veel minder dan de inschatting van VN-klimaatpanel die uitkomt op 3400 miljard ton. Als de berekening van Rutledge klopt, en steeds meer wetenschappers volgen die stelling, kan de wereldwijde steenkoolproductie al tegen 2025 aan zijn plafond zitten.

Uit cijfers die het Milieu & Natuurcompendium in september heeft gepubliceerd blijkt dat kolencentrales behoorlijk efficiënt met hun brandstof omgaan. Kolenreststoffen van elektriciteitscentrales worden momenteel voor bijna 100 procent hergebruikt. Het grootste deel van de kolenreststoffen bestaat uit vliegas dat vooral wordt afgezet in de cement- en betonindustrie. Daarnaast komt bodemas vrij, dat wordt afgezet in de wegenbouw en als bouwblokken. Ten slotte ontstaat rookgasontzwavelingsgips, dat vooral wordt gebruikt in de gipsplatenindustrie. In de periode 2003-2007 is de hoeveelheid reststoffen gedaald. Dit kwam voornamelijk doordat de kolengestookte centrales steeds meer biomassa in plaats van kolen verstoken.

Een meerderheid van de Tweede Kamer stemt begin november voor een motie van Groen-Links om een CO2-norm voor elektriciteitscentrales in te voeren. Dit wordt door de indiener van de motie beschouwt als een zege voor het klimaat, omdat het een forse dam opwerpt voor de bouw van nieuwe kolenmonsters. Volgens het voorstel kunnen er geen vergunningen meer verstrekt worden aan centrales, die meer dan 350 gram CO2 per kWh elektriciteit uitstoten. De bouw van kolencentrales verstoort de klimaatambities van Europa en Nederland. Niet alleen vanwege de hoge CO2 uitstoot, maar ook omdat ze de productie van groene energie hinderen. Hoewel het ministerie van EZ de bouw van nieuwe kolencentrales voorstaat vindt de minister de CO2-norm voor elektriciteitscentrales een goed idee.



Terug naar thema Gas- en olie-industrie 2009